|
|
 |
|
| kredietcrisis |
|
| Beschouwing |
|
| Crisis een kwestie van sentiment? Nee. |
|
Geplaatst: donderdag 27 augustus 2009 Door: Maurice van Ulden Bron: - |
|
| Duizenden miljarden steunmaatregelen over de hele
wereld moeten het economisch tij keren. Wat volgens
de officiële berichtgeving begon met een beheersbare
‘slechte-hypotheken-crisis’ in de VS is uitgegroeid
tot een buitengewoon zware recessie. Met extreme
geldinjecties en peptalk wordt getracht een
depressie, zoals die aan de tweede Wereld Oorlog
vooraf ging, af te wenden. Reeds met aanzienlijke
schulden belaste landen proberen in een
ogenschijnlijke alles-of-niets poging met nieuwe
schulden het sentiment te keren. Maar is de crisis in
hoofdzaak wel een kwestie van sentiment? |
|
Een overmatig geloof in de kracht van de vrije markt heeft financiële instellingen door een combinatie van deregulering en zwak toezicht een enorme bewegingsvrijheid geboden. Daaruit is een grote financiële orgie ontstaan die raasde alsof er geen morgen meer zou zijn. In de dronkenschap van de nieuwe economie werd het systeem van checks-and-balances in de bancaire sector in belangrijke mate afgeschreven. De bankensector regelt zichzelf wel. Carte blanche.
Met verzekeringsconstructies werd ruimte gecreëerd om nieuwe kredieten uit te geven. Via deze route konden banken de regels voor de uitstaande kredieten tegenover het eigenkapitaal omzeilen. Hiertegen is niet opgetreden. Om redenen van omzetgroei, bonussen en aandeelhouderswaarde werd het toepassen van de verzekeringsconstructie gemeengoed. Alsof een conjuncturele neergang door papierschuiverij te verzekeren is. Was het maar zo.
De zo getalenteerde bankdirecteuren, die zichzelf vanwege hun buitengewone kwaliteiten grote salarissen en bonussen toeschreven, zijn natuurlijk niet volkomen gek en wisten echt wel van elkaar waar ze ongeveer mee bezig waren. Vanwege de uit de hand gelopen werkelijke balansen wilden banken elkaar geen geld meer lenen. Met een relatief eigen vermogen van bijna niks is er een groot risico dat bij een tegenvaller geleend geld niet meer terug betaald kan worden waardoor uitlenende partijen met soortgelijke balansen meteen ook zelf in de problemen komen.
De slapende politiek die, ondanks dat financieel experts al jaren wijzen op de problematische
ontwikkelingen in de financiële sector, het publiek voorhoudt dat niemand de crisis heeft zien aankomen is de banken met grote kapitaalinjecties te hulp geschoten. Onder toeziend oog van de politici zijn de bedrijven ‘systeembanken’ geworden. Te groot om te laten vallen. Een onacceptabele situatie die prudent handelen bepaald niet in de hand werkt. Er zijn veel zware woorden over IJsland gevallen, maar als een ING met een balanstotaal van meer dan 1300 miljard omvalt, onstaat er in Nederland een vergelijkbare situatie.
Is er intussen veel bereikt? Het lijkt er niet op. Ook in Amerika weinig ‘change we can believe in’. Grote financiële instituten worden gered en door de overheid deels ontdaan van de rommel die op hun balansen staan. Met geleend geld uit de ‘markt’, die door Centrale Banken is overgoten met vers geld, wordt staatssteun terugbetaald en ontstaat de tendens terug te keren naar bonussen en business as usual. Nu de consument nog en we gaan weer vrolijk verder. Tja, over wishful thinking gesproken.
Volgens mij is er meer aan de hand. Zo denk ik dat er in de financiële wereld naast de te-groot-om-te-laten-vallen kwestie daadwerkelijk sprake is van een echt systeemprobleem. Nieuw geld wordt doorgaans door banken gecreëerd met het uitgeven van nieuw krediet. Maar hoe kan een economie groeien op steeds meer uitstaande kredieten waarover rente betaald moet worden? Op een zeker moment remmen de rentelasten het groeipotentieel, consumenten kunnen minder consumeren, bedrijven komen in problemen, de werkeloosheid loopt op, de consumptie daalt, de spiraal naar beneden is ingezet. Moeten aan alle kanten verliezen genomen worden om daarna weer opnieuw te beginnen? Het groeien vanuit steeds meer krediet lijkt vragen om problemen.
Persoonlijk denk ik dat er jaarlijks ongeveer evenveel nieuw geld gecreëerd zou moeten worden als dat er sprake is van economische groei en dat dit geld evenredig aan alle inwoners uitgekeerd dient te worden. Deze zetten een deel hiervan op spaarrekeningen waarover een redelijke rente wordt uitgekeerd. Met dit geld kunnen banken kredieten uitgeven. Daarbij moeten banken gewoon failliet kunnen gaan. Zowel consumenten als banken zullen hierbij gedwongen zijn meer weloverwogen te handelen. Het lijkt mij verkeerd en te weinig transparant om geldcreatie via banken en krediet te laten verlopen.
Maar de vraag die zelden gesteld wordt is of er thans überhaupt wel voldoende mogelijkheden zijn om te komen tot nieuwe groei. Met name energieschaarste lijkt een echte ‘limit-to-growth’ geworden. Aan de kant van het energieaanbod en zuiniger technologie zit volgens mij de echte schaarste, niet zozeer aan de kant van welwillende consumenten. Net als voor de kredietcrisis wordt door specialisten al lang voor een permanente olie- en energiecrisis gewaarschuwd.
Een olieprijs die in een paar jaar tijd van 30 naar 150 dollar per vat (159 liter) stijgt heeft
gigantische gevolgen voor de verdeling van de koopkracht in de wereld. Mijns inziens kunnen economieën zulke snelle koopkrachtverschuivingen niet redelijk verwerken. Men kan zich zodoende nog eens afvragen wat er met betrekking tot de koopkracht van consumenten aan de suprimecrisis vooraf is gegaan.
Door de crisis is de olieprijs fors gedaald maar historisch verre van goedkoop. Tijdens de veel minder zware Aziëcrisis eind jaren ’90 daalde de prijs van een vat olie naar circa 10 dollar, maar ondanks de grote mondiale crisis noteert een vat olie nu nog altijd rond de 70 dollar. Wie zich realiseert dat ruwweg voor iedere dollar/euro economische activiteit het energie-equivalent van een kwart liter olie verbruikt wordt, begrijpt dat hoge energieprijzen zeer ingrijpende economische gevolgen met zich mee brengen.
|
|
|
 |
|
|
|
|